gecarboniseerd fossiel hout in mergel

€ 250,00
 
Oude vondst  uit 2012, uit de CBR-groeve Romont , nabij Eben -emael .
Formatie van Maastricht Emael-member 
tussen de Romontbos en Lava Horizont .
 
Het stuk werd indertijd alszijnde steenkool geditermineerd, en zou vermoedelijk door opstuwing van de Luikse Carboononstsluitingen in de mergel terecht zijn gekomen?
 
Men weet nu beter.  
Het betreft  hier gecarboniseerd fossiel hout (soms ook wel xyliet of fossiele houtskool genoemd)
 
Nee, er kwam geen steenkool voor in de mergel zelf. Dit zijn twee totaal verschillende gesteenten die in compleet andere periodes en onder andere omstandigheden zijn ontstaan. 
Wel liggen de steenkoollagen in de Belgische en Nederlandse ondergrond recht onder de mergellagen
Het grote geologische verschil
  • De Steenkool (Carboon-tijdperk, ca. 300 miljoen jaar oud): Steenkool ontstond uit de resten van reusachtige, tropische moerasbossen. Door de druk van latere aardlagen veranderden deze plantenresten diep in de grond in steenkool. 
  • De Mergel (Krijt-tijdperk, ca. 70 miljoen jaar oud): Mergel (of eigenlijk krijtgesteente) is veel jonger. Dit ontstond in een warme, ondiepe zee uit de kalkrijke ruggetjes en skeletten van miljarden algen en zeediertjes. Er groeiden toen geen bossen op die plek, waardoor er in die laag geen steenkool te vinden is. 
In Belgisch-Limburg (het  kemkens steenkoolbekken ) en Belgisch-Wallonië moesten mijnwerkers eerst door de jongere mergel- en kalklagen heen boren om bij de dieper gelegen, eeuwenoude steenkoolmijnen te komen.
 
 
 
In de mergel (het Limburgse en Belgische krijtgesteente) komt versteend hout voor. Soms is dit hout door geologische processen zo extreem samengeperst en zwart geworden dat het sterk lijkt op houtskool of steenkool, maar wetenschappelijk gezien spreken we van fossiel drijfhout.
 
De aanwezigheid van hout in een maritieme mergellaag is als volgt te verklaren:
Hoewel de mergel is ontstaan op de bodem van een warme, ondiepe zee, spoelden er destijds via rivieren regelmatig resten van het nabijgelegen land in het water.
  • Drijfhout: Boomstammen en takken van prehistorische naald- en loofbomen dreven de zee op.
  • Zinken: Nadat het hout volgezogen raakte met zeewater, zonk het naar de bodem en raakte het begraven onder dikke lagen kalkslik (de latere mergel).
Versteend hout versus "houtskool"
Wanneer je vandaag de dag zwarte, houtachtige resten vindt in een mergelgroeve , gaat het bijna altijd om een van deze twee vormen:
  • Versteend (verkiezeld) hout: Gedurende miljoenen jaren is het organische houtcel voor cel vervangen door mineralen (zoals vuursteen/kwarts). Dit hout is letterlijk veranderd in loeiharde steen. Soms is dit donkerbruin tot zwart van kleur.
  • Gecarboniseerd hout (schijn-houtskool): Als het hout snel werd luchtdicht afgesloten en onder hoge druk kwam te staan, kon het koolstofgehalte bewaard blijven zonder dat er mineralen in kropen. Het hout "verkoolde" dan heel langzaam in de bodem. Dit broze, gitzwarte materiaal lijkt sprekend op houtskool of steenkool en geeft soms ook zwart af.
     
        • Als het materiaal brokkelig is en je kunt ermee schrijven, dan heb je heel waarschijnlijk te maken met gecarboniseerd fossiel hout (soms ook wel xyliet of fossiele houtskool genoemd).
        Dit materiaal is uniek omdat het de perfecte tussenstap is tussen echt hout en steenkool.Waarom kun je ermee schrijven?
       
      Toen dit stuk prehistorische boomstam of tak zo'n 70 miljoen jaar geleden op de zeebodem zonk, raakte het direct luchtdicht afgesloten door het kalkslik. Hierdoor kon het hout niet wegrotten.
      Door de enorme druk van de kilometersdikke lagen die er later bovenop kwamen te liggen, is het hout extreem samengeperst. De vloeistoffen en gassen zijn eruit geperst, waardoor er bijna pure koolstof is overgebleven. Omdat er op die specifieke plek geen mineralen (zoals kwarts of vuursteen) in het hout zijn gedrongen, is het niet keihard geworden, maar juist bros en zacht gebleven. Het gedraagt zich nu exact zoals de houtskool die wij kennen uit de winkel.
       
      • Houtstructuur: Als je het fragment heel goed bekijkt (soms met een vergrootglas), kun je vaak nog de originele jaarringen of de vezelstructuur van de prehistorische boom zien.
      • Gewicht: Het voelt verrassend licht aan in vergelijking met de zware mergel of de vuurstenen die je in dezelfde laag vindt.
      • Brandbaarheid: Als je er een klein splintertje van afbreekt en er een vlam bij houdt, zal het heel langzaam gaan gloeien (net als een barbecuekooltje), al ruikt het vaak wel erg muf of chemisch door de opgeslagen mineralen.
       
      Zulke vondsten zijn erg leuk, omdat ze bewijzen dat er miljoenen jaren geleden een groen boslandschap in de buurt van de toenmalige 'Mergelzee' 
       
      Als fossiel maakt het weinig indruk .
      Voor een verzamelaar of geoloog is de emotionele en wetenschappelijke waarde vaak veel groter en mag deze zeker niet ontbreken in je collectie . Het is een tastbaar bewijs van een miljoenen jaren oude riviermonding die organisch materiaal in de prehistorische Krijtzee spoelde.
       
      Dit betreft het enigste stuk dat ik na ontelbare zoekjaren ooit heb mogen vinden . 
     
     
     
     
     
     
     
     
     
    <div class="n6owBd awi2gc" data-sfc-cp="" data-sfc-root="c" data-sfc-cb="" data-hveid="CAAIFxAA" data-complete="true" data-processed="true" data-copy-service-computed-style="font-family: "Google Sans", Arial, sans-serif; font-size: 16px; font-weight: 400; margin: 12px 0px; text-decoration: none; border-bottom: 0px r
    <

    Ook interessant